Wie is de leider en waarom is dit belangrijk?

Kinderen hebben een leider nodig die hen dingen leert, grenzen en regels stelt. Thuis zijn het ouders die dat doen en op scholen zijn het leerkrachten. Ook volwassenen hebben leiders die dingen leren, maar ook die grenzen en regels stellen en dat is bij een hond niet anders. Het verschil echter in het leren van dingen, het stellen van grenzen en regels is dat een hond anders communiceert dan dat wij mensen communiceren. Een hond communiceert instinctief, wij mensen zijn intellectueel. Zo kent een hond geen emotie zoals dat wij emotie kennen. Communiceren doet de hond in de volgorde, wat voelt het instinctief, wat ruikt de hond, wat ziet de hond en dan pas wat hoort de hond. Wij mensen horen eerst, dan kijken we en meestal gaan we dan pas naar ons gevoel om te ervaren wat het ons verteld. Er wordt vaak door de mens gedacht dat een hond ook als eerste op wat hij hoort afgaat, omdat wij zelf als eerste op wat we horen afgaan en omdat we weten dat het gehoor van een hond vele malen beter is dan dat van ons mensen. Hoewel dit dus niet het geval is en de hond als eerste instinctief met gevoel en wat hij ruikt reageert kan je bedenken hoe sterk deze zintuigen bij de hond zijn ten opzichte van zijn gehoor.

Een hond denkt niet terug aan wat er een minuut geleden was of wat er morgen gaat gebeuren. Een hond is in het hier en nu. Voor een hond is er een leider en als de hond bemerkt dat die er niet is (zoals een leider behoort te zijn) dan neemt de hond de leiding. 
Om uit te leggen hoe de hond een leider ziet en welke eigenschappen deze heeft ga ik terug naar de natuur zoals de wolven (waar de hond uiteindelijk vanaf stamt) in de roedel leven.
In de gemeenschap van een wolven roedel draait alles om de leiders, het alfa-paar. Het alfa-paar bestaat uit de 2 gezondste, intelligentste en meest ervaren leden van de roedel. Zij zijn de enige die zich voor mogen planten, zodat alleen gezonde genen door gegeven worden. De andere leden van de roedel accepteren zonder te morren de regels die het alfa-paar ze oplegt. Iedere lid is tevreden met zijn plaats en functie in de rangorde. De wolven die de leiding hebben zijn anders in lichaamstaal, in zelfverzekerdheid en houding anders dan de volgelingen. Ze hebben een andere lichaamshouding en dragen hun staart hoger. Ook kan je de volgelingen aan lichaamstaal herkennen, sommige houden hun lichaam lager en de jongere en nog lagere in de rangorde blijven vaak achteraan staan. Sommige mogen het alfa-paar likken, andere niet. 

Als de roedel zich opmaakt om op jacht te gaan dan rennen alle volgelingen door elkaar heen, dringen elkaar weg om de beste plaats in te nemen. Het alfa-paar neemt altijd de zelfde houding aan, hoofd en staart in de lucht en nemen de koppositie op zoek naar een prooi. Zo wordt er steeds benadrukt wie de baas is. De leider laat de rest weten dat het zijn taak is om de roedel te leiden en de rest hem moet volgen. Zo steekt de rangorde in elkaar en elke individu moet zich eraan houden om te overleven. Een leider is altijd kalm en zelfverzekerd. Als je een alfa-wolf een dag zou bestuderen dan zou je mogelijk kunnen denken dat er volkomen gebrek aan belangstelling is. Een leider die snel van zijn stuk is of zich makkelijk opwindt is geen persoonlijkheid die vertrouwen wekt. 

wolf coaching

Dit is de taal die onderling instinctief met elkaar ‘gesproken’wordt, er wordt niet geschreeuwd en er is ook geen hardhandigheid. De hond is weliswaar uit de de wolven roedel zijn geplukt, de instincten van de wolf zijn niet uit de hond verdwenen. Honden communiceren dus op dezelfde wijze als wolven, onderling, maar ook met ons. Verwacht niet dat een hond onze taal zal leren want dat gaat nooit lukken. Nu zal je misschien denken, maar als ik zit zegt dan gaat de hond zitten. Dat klopt, honden herkennen de klanken en hebben geleerd wat wij van ze verwachten als ze die klank horen, maar ze zullen nooit de betekenis ervan begrijpen. Als we succesvol met onze hond(en) willen leren communiceren zullen we hun taal moeten leren waarbij de hond in zijn waarde moet worden gelaten en waar we met respect mee omgaan.
De moderne hond staat wel ver van zijn voorouders af, maar dit heeft niets veranderd aan de basisinstincten. Een eerste instinct is het instinct om te overleven. De rangorde in een wolven roedel wordt voortdurend getoetst en bevestigd door middel van gedragingen.

Wij zien onze honden vaak als ‘gezellige knuffeldieren’, een steun in lastige tijden. Hoewel het dit ook op de juiste manier kan zijn zien onze honden ons als leden van een groep die een taak hebben, zoals ook de principes gelden in de wolven roedel. ‘Zijn/haar’ roedel kan bestaan uit hem/haarzelf en een eigenaar of een grote groep, zoals een gezin met bijv. ook nog andere huisdieren. Een hond denkt dus altijd dat hij deel uitmaakt van een groep met een rangorde waar gehoor aan gegeven moet worden. 
Alle problemen die wij met onze hond(en) kunnen hebben komen dan ook voort uit de overtuiging van de hond dat zij de eigenlijke leiders zijn van de roedel en niet wij.
De meeste honden zijn geen leiders, willen dat ook helemaal niet zijn. Ze nemen deze positie over omdat er een leider moet zijn, maar meestal is een hond helemaal niet opgewassen om besluiten te nemen, en de verantwoordelijkheden die daarbij hoort, dragen. Daarmee komen ze onder druk te staan die leidt tot vele mogelijke gedragsproblemen zoals bijvoorbeeld bijten, blaffen, trekken aan de lijn, opspringen tegen mensen en verkeer najagen.

Om een hond niet onder deze druk te laten staan is het belangrijk om aan de hond te laten zien dat jij de leider bent. Dit doe je op de momenten zoals ook in een wolven roedel de rangorde wordt vastgesteld en benadrukt.
Dit bestaat uit 4 elementen:

  • Als we weer bij de hond terugkomen nadat we weggeweest zijn.
  • Als iets of iemand zijn/haar roedel aanvalt of er gevaar dreigt.
  • Als de roedel ‘op jacht’ gaat.
  • Als de roedel voedsel tot zich neemt.
Deze 4 elementen vinden dag in dag uit plaats en moeten in onderlinge samenhang met elkaar plaatsvinden en herhaald. 
In de volgende lessen leer je wat in ieder element belangrijk is om er voor te zorgen dat de hond begrijpt dat het niet de verantwoordelijkheid van de hond is om voor zijn eigenaar te zorgen of zijn taak is om voor het huis te zorgen, maar dat hij mag genieten van een fijn en onbezorgd leven…samen met zijn/haar roedel.

Nog even samengevat:

  • Een hond communiceert in de volgorde van energie, neus, ogen, oren.
  • Een leider gedraagt zich kalm en zelfverzekerd.
  • Een hond leeft in het hier en nu.
  • Je bent leider of je hond is leider.
  • Onevenwichtigheid (gedragsprobleem) komt voort uit een disbalans in de status van de rangorde.
  • De rangorde wordt steeds opnieuw vastgesteld en bevestigd in 4 elementen.



zintuigen hond mens

In de volgende les wordt de vijf minuten regel uitgelegd.
Klik hier om naar de volgende les te gaan.